Kabinet moet onderzoek doen naar wiet voor kinderen (Bron: Telegraaf)

Geplaatst op
Wiet haalt de scherpe kantjes ervan af

Ook de ChristenUnie gaf groen licht. Dit tot grote verbazing van CDA-Kamerlid Slootweg. „CU stemt voor experimenten met medicinale cannabis voor kinderen? Echt totaal verbijsterd”, liet hij zich ontvallen.”

CU snapt op haar beurt niet dat het CDA plan niet steunt. „Ouders van kinderen met epilepsie vragen om dit onderzoek. Ze zijn opzoek naar geneesmiddelen die mogelijk werken”, reageert een woordvoerder. Alleen CDA en SGP stemden tegen het cannabisplan.

Voor volwassenen is medicinale wiet al verkrijgbaar als ze bepaalde aandoeningen hebben. Het wordt geteeld in door de overheid gereguleerde kwekerijen.

Deze mediwiet zit niet in het basispakket, omdat er nog onvoldoende wetenschappelijk bewijs is dat het ook echt werkt. D66 wil deze impasse met een tweede door de Kamer aangenomen wietplan doorbreken. Het kabinet moet daardoor gericht wetenschappelijk onderzoek gaan doen naar de effectiviteit van medicinale cannabis.

Mediwiet wordt geregeld gebruikt om pijn te bestrijden, of om misselijkheid weg te nemen van mensen die chemotherapie ondergaan. Mensen met epilepsie zeggen minder aanvallen te krijgen als ze het gebruiken. Vaak wordt het in de vorm van olie verstrekt. Een paar druppels op de tong zijn voldoende.

„Bij sommige mensen helpen morfine of andere pijnstillers niet, alleen cannabis verlicht de pijn die ze anders 24 uur per dag hebben”, zegt D66’er Bergkamp. „Deze mensen zijn tientallen tot een paar honderd euro per maand kwijt aan medicinale cannabis. Hopelijk kan door goed gericht wetenschappelijk onderzoek het Zorginstituut bepalen dat medicinale cannabis kan worden toegelaten tot het basispakket.”

Zeven keer eten waar je een beter humeur van kunt krijgen (Bron: AD)

Geplaatst op
Voedringspatroon

Want je bent moe, je moet nog twee volle dagen werken voordat het weekend wordt, het is grijs weer buiten en ga zo maar verder. Gelukkig kun je je humeur met voeding beïnvloeden.

Dit wil niet zeggen dat je meteen gelukkig wordt, maar deze stoffen hebben in ieder geval een positieve invloed op het humeur. Vooral serotonine en dopamine dragen bij aan een betere gemoedstoestand. Ondanks dat sommige van onderstaande producten bijdragen aan de aanmaak van deze hormonen, wil dat niet zeggen dat een depressie direct verholpen wordt. Het zijn geen wondermiddelen. Bij serieuze problemen wordt dan ook aangeraden om hulp te zoeken bij mensen in je directe omgeving of bij professionals.

Amandelen

De aminozuren in amandelen helpen bij het creëren van dopamine in je hersenen. Het Voedingscentrum geeft ook aan dat aminozuren bijdragen aan de aanmaak van dopamine, dat een prettig gevoel geeft. Vandaar dat een andere naam voor dopamine ‘gelukshormoon’ is.

Spinazie

De vitaminen B9 en B12 in spinazie onderdrukken depressieve gevoelens. Dit komt doordat vooral B12 een belangrijke rol speelt in het doorgeven van signalen naar de hersenen. Een portie vis erbij versterkt de werking van de B-vitamines.

Broccoli

Broccoli bevat veel chroom, een mineraal dat de hoeveelheid serotonine en melatonine doet stijgen in je hersenen. Die neurotransmitters stabiliseren je gemoed (perfect tegen moodswings!). Onderzoek van Duke University toonde aan dat chroom kan helpen bij de behandeling van depressies, maar meer onderzoek is nog nodig hiernaar.

Saffraan

Deze kleurrijke plant zorgt ervoor dat er meer serotonine vrijkomt in de hersenen, op dezelfde manier zoals antidepressivum Prozac dat doet. Een Iraanse studie onderzocht het effect van saffraancapsules bij vrouwen met humeurschommelingen als symptomen van PMS. De symptomen verminderden dankzij de capsules met 50 procent.

Chilipeper

Wanneer ons brein capsaïcine signaleert, de stof die chilipeper pikant maakt, maakt het vanzelf endorfine aan om ons lichaam te kalmeren. Bij erg pikante pepers kan de endorfine zorgen voor een euforisch gevoel. Reden te meer om een moedige hoeveelheid chili aan je lievelingsgerechten toe te voegen.

Zalm

Verschillende studies wijzen op het verband tussen depressie en een gebrek aan omega-3 vetzuren. Aangezien je lichaam deze vetzuren niet zelf aanmaakt, moet je ze uit voeding halen. Vette vis zoals zalm vormen een prima bron van onverzadigde vetzuren.

Chocolade

De beste bewaren we voor het laatst: chocolade. Akkoord, strikt genomen behoort dit lekkers tot de categorie ‘ongezond comfortfood’, maar een blokje van dit bruine goud kan wél ons humeur beïnvloeden. Chocolade bevat anandamide, een neurotransmitter die hetzelfde effect heeft als THC, het werkzame bestanddeel in marihuana. Het gelukzalige gevoel na een stukje chocolade is dus niet ingebeeld.

Mediwiet-advies huisartsenbranche ‘niet gerechtvaardigd door de feiten’ (Bron: NOS)

Geplaatst op
Wiet haalt de scherpe kantjes ervan af

Het Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG) vindt dat huisartsen “heel terughoudend” moeten zijn als het gaat om mediwiet. Een behandeling met cannabis is wat het NHG betreft de allerlaatste keus. De hoofdreden: er is onvoldoende bewijs voor pijnreductie of verbetering van de kwaliteit van leven.

Het NHG heeft wat apotheker Paul Lebbink betreft wel een punt. Hij maakt in zijn apotheek zelf olie uit cannabis en spreekt namens branchevereniging de Koninklijke Nederlandse Maatschappij ter bevordering der Pharmacie (KNMP). “Er zijn veel aanwijzingen voor de medicinale werking van cannabis, toch moet wetenschappelijk gezien nog wel het een en ander gebeuren.”

‘Veel positiever’

Lebbink vindt het belangrijk om te benadrukken dat er nog niet voldoende wetenschappelijke onderbouwing is. Maar de vooruitzichten zijn volgens hem veelbelovend. “Er is wel degelijk onderzoek gedaan naar de pijnstillende werking van cannabis en die resultaten zijn veel positiever dan het NHG nu schetst.”

Als ik het niet gebruik, heb ik 24 uur per dag pijn.

Cbd-oliegebruiker Jeroen

Dat zegt ook Jeroen, die lijdt aan de ziekte van Crohn en daarvoor wietolie gebruikt. Een keer per maand gaat Jeroen, die niet met achternaam genoemd wil worden, met zijn doktersrecept naar de apotheker om een flesje te kopen. “Als ik het niet gebruik heb ik 24 uur per dag pijn”, zegt hij aan de telefoon.

Niets anders helpt tegen de pijn, zegt Jeroen. “Zelfs morfinepillen en andere opiaten niet.” Hij kreeg daarom in het ziekenhuis de thc-olie aangeraden door een pijnspecialist. Jeroen betaalt maandelijks 50 euro voor een flesje. Dat krijgt hij niet vergoed van zijn zorgverzekeraar; medicinale cannabis is geen geregistreerd geneesmiddel.

Grootste exporteur

Desondanks is Nederland de grootste exporteur van medicinale wiet, legt Lebbink uit. “We exporteren vooral naar Duitsland, Frankrijk en België. In Duitsland wordt de mediwiet zelfs vergoed door zorgverzekeraars.” In ons land is dat sinds 2017 niet meer het geval. Lebbink heeft het idee dat Nederland “op de weg terug is, terwijl andere landen dit middel juist omarmen”.

Overheidsinstantie Bureau voor Medicinale Cannabis is verantwoordelijk voor de productie van cannabis voor medicinale en wetenschappelijke doeleinden. Deze instantie vindt, ook na het NHG-advies, dat er voldoende wetenschappelijke gegevens beschikbaar zijn dat het middel werkzaam is bij:

  • Chronische pijn
  • Aandoeningen als MS
  • Misselijkheid en braken door bijvoorbeeld chemotherapie
  • Gilles de la Tourette
  • Pijnverlichting tijdens de eindfase van kanker en aids

Het NHG raadt mediwiet voortaan alleen nog aan voor patiënten in die laatste categorie. Dus voor in de laatste fase van een terminale ziekte en wanneer alle gangbare middelen niet werken. “En als een pijnspecialist een indicatie vindt voor mediwiet kun je dat in overleg met een huisarts wel voorschrijven”, zegt NHG-voorzitter Rob Dijkstra in het NOS Radio 1 Journaal.

Het wel of niet voorschrijven van medicinale cannabis is een zaak voor specialisten, niet voor huisartsen, legt Dijkstra uit. Zeker nu huisartsen daar steeds vaker mee te maken krijgen. Vorig jaar werd 50.000 keer mediwiet voorgeschreven door een arts, vijf keer zo vaak als in 2012, blijkt uit cijfers van Stichting Farmaceutische Kengetallen.

Ik word iedere week wel drie of vier keer gevraagd om huisartsen uitleg te geven over mediwiet.

Paul Lebbink, KNMP

Ook apotheker Lebbink merkt dat huisartsen worstelen met deze toename. “Ik word iedere week wel drie of vier keer gevraagd om huisartsen uitleg te geven, omdat ze vinden dat ze te weinig afweten van mediwiet.” Lebbink geeft voorlichting over de effecten en risico’s.

Hij vindt het gek dat het NHG schrijft dat de mediwiet te veel bijwerkingen, zoals sufheid, geeft. De bij-effecten zijn volgens hem juist gering als je het vergelijkt met sommige alternatieven, die patiënten juist als eerste optie krijgen aangeboden. De apotheker noemt pijnstillers en ontstekingsremmers zoals ibuprofen als voorbeeld.

“Van die groep middelen is bekend dat je daar heel voorzichtig mee moet zijn vanwege bijwerkingen als maagbeschadiging en nierfalen.” Sufheid zijn dan vrij onschuldige bijwerkingen, vindt Lebbink.

Alles bij elkaar opgeteld vindt hij het advies om medicinale cannabis zo min mogelijk te adviseren te kort door de bocht. “Het is een vrij hard standpunt dat niet wordt gerechtvaardigd door de feiten.”

Ruggenprik bij bevalling of niet? In deze provincie gebeurt het veruit het vaakst (Bron: AD)

Geplaatst op
Bevalling

Dat blijkt uit een grootschalige studie van het VUmc, waarbij alle ruim 600.000 bevallingen in Nederland tussen 2010 en 2013 zijn geanalyseerd. Daarbij is gekeken naar verschillende interventies, zoals het toepassen van pijnbestrijding, inleiden, het opwekken van weeën, een vacuümpomp (kunstverlossing ), keizersnede en de betrokkenheid van een kinderarts.

Bij sommige ingrepen zijn de verschillen per regio groot, ook na het corrigeren van bijvoorbeeld de leeftijd, blijkt uit de resultaten die vandaag worden gepubliceerd in het wetenschappelijke tijdschrift BMC Pregnancy and Childbirth. Waar in Noord-Brabant 38 procent van de vrouwen een ruggenprik kreeg tijdens de eerste bevalling, was dat in Drenthe slechts 12 procent. Ook in Limburg werd vaker de prik gegeven.

In provincies waar de ruggenprik minder werd gebruikt, is weer vaker gekozen voor andere vormen van pijnbestrijding, zoals het toedienen van morfineachtige stoffen (bijvoorbeeld remifentanil of pethidine).

Het stimuleren van weeën, door het toedienen van een hormoon (oxytocine), werd in Zeeland bij één op de drie vrouwen die voor het eerst bevielen ingezet, en in Flevoland, Utrecht en Noord-Brabant bij bijna de helft. In regio’s waar dit vaker werd gedaan, waren ook meer vrouwen die veel bloed verloren bij de bevalling.

Onwenselijk

Die regionale verschillen roepen vragen op over de kwaliteit van de geboden zorg, zegt Anna Seijmonsbergen-Schermers, onderzoeker en verloskundige aan het VUmc ,,Dat het gebruik van sommige interventies bij een bevalling zo sterk verschilt per regio is onwenselijk. Een vrouw die pijnbestrijding wil, zou ongeacht haar woonplaats evenveel mogelijkheden moeten hebben. Het gaat om gelijke mogelijkheden voor vrouwen en gelijke kwaliteit van zorg.’’

Ingrijpen bij een bevalling kan noodzakelijk zijn als er sprake is van een medische indicatie. Als dat te veel of te weinig gebeurt, kan dat risicovol zijn voor moeder en kind. ,,Je had iets kunnen voorkomen of het kan leiden tot complicaties als gevolg van de ingreep’’, zegt Seijmonsbergen. ,,Onnodig ingrijpen bij een bevalling kan ook op de langere termijn tot schade leiden.’’ Zo blijkt uit eerder onderzoek van het VUmc dat kinderen die zijn geboren met een vacuümpomp, keizersnede of na opwekking van de weeën, op latere leeftijd vaker gezondheidsproblemen hebben.

Ook de inzet van een kinderarts direct na de geboorte verschilt per provincie. In Limburg, Groningen en Utrecht (60 procent bij eerste bevallingen) is dat veel gebruikelijker dan in Noord-Holland (37 procent). Seijmonsbergen noemt dat verschil ‘opmerkelijk’.

,,De verschillen in de inzet van pijnbestrijding liggen mogelijk voor een deel aan de voorkeur van een vrouw. Maar de aanwezigheid van een kinderarts hangt af van het beleid en de protocollen van een ziekenhuis. In sommige ziekenhuizen komt er bij elke klinische bevalling een kinderarts kijken, en bij andere alleen op strikte medische indicatie. De geboden zorg wordt dus niet overal op dezelfde manier onderbouwd.’’

Vacuümpomp

Volgens Seijmonsbergen is het wel positief dat bij het inleiden van een bevalling, en met name voor keizersnedes en het gebruik van een vacuümpomp, de regionale verschillen kleiner zijn. ,,Bij sommige ingrepen zitten zorgverleners veel meer op één lijn dan bijvoorbeeld bij kinderartsen of pijnbestrijding.’’

Nader onderzoek moet uitwijzen waarom die verschillen per provincie soms zo groot zijn. Volgens de onderzoeker is het belangrijk om te kijken naar de protocollen in ziekenhuizen en de beschikbaarheid van pijnbestrijding. ,,Het is ook belangrijk om te kijken naar indicaties voor medische ingrepen. Wanneer is het stimuleren van weeën nodig? Als we ervoor willen zorgen dat de regio’s qua inzet dichter bij elkaar komen, moet duidelijk worden wanneer een bepaalde ingreep nodig is. Blijkbaar zijn zorgverleners het daar niet altijd over eens.’’

Seijmonsbergen pleit ervoor dat zorgverleners kritisch kijken naar grote uitschieters en alleen een ingreep doen die goed medisch onderbouwd is. ,,Bij 48 procent van de vrouwen in Flevoland die van hun eerste kind bevallen, worden de weeën opgewekt. Dat betekent dus dat we bij bijna de helft van de bevallingen vinden dat die niet normaal verloopt. Wanneer is een bevalling normaal en wanneer moet je ingrijpen? Daar wordt verschillend over gedacht. Misschien is ons idee over wat een normale bevalling is wel verschoven. Dat moet meer worden onderzocht. Vervolgonderzoek is nodig om vast te stellen wanneer een ingreep noodzakelijk is.’’

Honderden mensen niet geïnformeerd over uitslag onderzoek darmkanker (Bron: nu.nl)

Geplaatst op
Darmkankeronderzoek

Van de 1,3 miljoen mensen tussen de 55 en 75 jaar die in 2014 en 2015 werden aangeschreven voor het onderzoek naar darmkanker, hoorden 604 deelnemers niets over de uitslag omdat ze hun test te laat hadden ingestuurd. Bij 35 van hen was sprake van een “ongunstige” uitslag.

De 604 deelnemers aan het onderzoek voor darmkanker vergaten in eerste instantie hun test in te sturen. Pas toen de tweede ronde van het onderzoek in 2016 en 2017 was begonnen, stuurden ze alsnog de test met een monster van hun ontlasting op.

“De houdbaarheid van deze test was echter in de meeste gevallen verlopen, waardoor de uitslag van de test onbetrouwbaar is”, schrijft staatssecretaris Paul Blokhuis (Volksgezondheid) dinsdag aan de Tweede Kamer.

In het systeem van het bevolkingsonderzoek wordt een ronde van deelnemers na twee jaar afgesloten. Blokhuis meldt dat de ingestuurde oude buisjes wel zijn geanalyseerd, maar vanwege de ‘afgesloten ronde’ is de uitslag niet naar de die deelnemers is verzonden.

Bloed

De staatssecretaris betreurt dat de groep geen terugkoppeling heeft gehad. De 604 personen zijn inmiddels schriftelijk geïnformeerd. De ongunstige uitslag die 35 personen hebben gekregen, houdt in dat bij hen bloed in de ontlasting is gevonden. Er is vervolgonderzoek nodig om de exacte oorzaak daarvan vast te stellen.

Om een dergelijk probleem in de toekomst te voorkomen, is het IT-systeem aangepast. Voortaan krijgen mensen altijd een uitslag wanneer zij een test opsturen. Zo moeten mensen die hun test te laat opsturen, ook bericht krijgen.

Een commissie onder leiding van een voorzitter van buiten gaat onderzoek doen naar de fouten.