Bankhangen, vet eten en tóch afvallen? Volgens wetenschappers is het mogelijk (Bron: Margriet.nl)

Geplaatst op
Obesitas

Toch is het volgens wetenschappers in de toekomst mogelijk.

Het enige wat je hiervoor hoeft te doen is een pil te slikken die een bepaald gen blokkeert, zo blijkt uit een onderzoek van de Flinders University in Australië.

Geen overgewicht

Voor het onderzoek werd het RCAN1-gen geblokkeerd bij een aantal muizen. Hoewel de gemanipuleerde muizen aanzienlijk meer aten dan de niet-gemanipuleerde muizen, hadden ze geen last van overgewicht. Zelfs met een ‘high-fat dieet’, een dieet dat voor zestig procent bestaat uit vet, kwamen de muizen niet aan.

Bruin vetweefsel

Volgens wetenschappers zorgt een blokkade van het RCAN1-gen ervoor dat wit vetweefsel wordt omgevormd tot bruin vetweefsel. Het witte vetweefsel dient alleen als opslag van vet, terwijl het bruine weefsel energie omzet in warmte. Deze energie (calorieën) haal je uit voeding. Meer bruin vetweefsel betekent dus dat je meer energie gaat verstoken en meer kilocalorieën verbrandt.

Ontwikkelen van pil

Damien Kieting, hoofd van het departement van Moleculaire- en Celfysiologie van de Flinders University, is druk bezig met de ontwikkeling van een pil voor mensen dat het RCAN1-gen kan onderdrukken. “Het zou ideaal zijn als er een soort pil beschikbaar komt, die ervoor zorgt dat je kunt afvallen, zonder dat daar een dieet of extra beweging aan te pas komt. Vooral voor mensen met obesitas,” aldus Kieting.

Groot nadeel

Volgens Astrid Postma-Smeets, expert voeding en gezondheid van het Voedingscentrum, is er echter wel een grote ‘maar’: “Hoewel het in de toekomst misschien helpt om minder snel overgewicht te ontwikkelen, mis je wél de belangrijke gezondheidsvoordelen van gezonde voeding en beweging. Zeker als je ongezond blijft eten.”

Voor het eerst op grote schaal bewezen: ADHD zit in je DNA (Bron: RTLNieuws)

Geplaatst op
ADHD

Wetenschappelijk onderzoek heeft nu aangetoond dat genen op 12 plaatsen in het DNA een rol spelen bij het ontstaan van deze concentratiestoornis.

Dit blijkt uit onderzoek van een internationaal team. “Het is echt een belangrijke stap”, zegt Barbara Franke, hoogleraar Moleculaire Psychiatrie van het Radboudumc en onderdeel van het team. “We wisten al dat ADHD sterk erfelijk bepaald is, nu hebben we de eerste genetische variaties aangetoond die aan de grondslag liggen van deze erfelijkheid.”

Bij het onderzoek is het bloed of speeksel van meer dan twintigduizend mensen met ADHD, grotendeels uit Europa en de Verenigde Staten, onderzocht. Het DNA is vergeleken met dat van 35.000 mensen zonder ADHD. “We hebben op 12 plekken in het DNA genetische variaties gevonden die van invloed zijn op het ontstaan van ADHD.”

Lange weg te gaan

“Bij mensen die veel van deze genen hebben, is het risico op ADHD twee tot vijf keer zo hoog als bij mensen die deze genen niet hebben”, legt Franke uit.

Franke hoopt dat bloedonderzoek van mensen met ADHD in de toekomst meer kan vertellen over genetische aanleg voor ADHD. Zo kunnen onderzoekers en behandelaars meer inzicht krijgen in de aandoening. “Hopelijk kun je in de toekomst ook makkelijker voorspellen of een kind bijvoorbeeld een grotere aanleg heeft en er vroeg bij zijn.”

Hiervoor is wel nog meer onderzoek nodig. “Met de resultaten die we nu in handen hebben, kunnen we wel meer te weten komen over de biologische processen achter ADHD.”

Klein verschil

“De omvang van dit onderzoek is vernieuwend”, bevestigt professor Sarah Durston. Ze is hoogleraar bij het UMC Utrecht Hersencentrum. “Alle andere onderzoeken hebben de statische correctie niet overleefd. Dit onderzoek vanwege de grote aantallen wel.”

Je mag dus concluderen dat er verschillen zijn in de genen bij ADHD’ers. Toch plaatst Durston ook een kanttekening. “Het verschil is alleen zo klein dat het op dit moment geen klinische relevantie heeft.”

Verschillende factoren

Daar komt bij dat bij ADHD verschillende factoren elkaar beïnvloeden, zoals de omgeving en de genetische aanleg. Daarnaast komt ADHD in verschillende vormen voor. Hierdoor is het niet mogelijk om één behandeling of één medicijn te ontwikkelen voor alle ADHD’ers.

Durston: “Je zou in de toekomst wel toe willen naar voorspellingen van hoe een genetisch verhoogd risico in een drukke omgeving kan leiden tot een verhoogd risico op ADHD. Maar zover is het nog niet.”

 

Cindy verlost van maagband (Bron: Telegraaf)

Geplaatst op
Virtuele Maagband

Cindy van Rhee is blij om verlost te zijn van haar maagband.

Wat eerst een zegen leek om haar ernstige overgewicht van toen 120 kilo terug te brengen, werd later een regelrechte hinder. Met misselijkheid, braken en pijnklachten in de nacht. Bij het draaien op haar zij voelde ze het bandje van binnen trekken.

„Eigenlijk kon ik alleen maar vloeibaar voedsel kwijt”, zegt de 55-jarige Almeerse, bij wie inmiddels een ’gastric bypass’ is uitgevoerd. Daarbij is haar maag chirurgisch verkleind en haar spijsverteringskanaal omgeleid. Ze weegt nu 87 kilogram.

„Nu gaat alles goed, maar toen kon ik eigenlijk alleen nog ijs en vla probleemloos kwijt. Brood en aardappelen nuttigen ging niet: dat soort eten stapelde zich op. Het werd daar van binnen één groot gistend reservoir. Ik had er veel buikpijn door.”

Waarschuwing

De problemen die mevrouw Van Rhee schetst, vormen in wezen de kern van een indringend advies door het Meldpunt Bijwerkingen Implantaten van het RIVM in Bilthoven. Gisteren waarschuwde dit kenniscentrum voor de langetermijngevolgen van een maagband: „Patiënten kunnen jaren na het plaatsen van een maagband ernstige darmproblemen krijgen.”

Maagbandjes worden in Nederland bijna niet meer geplaatst bij patiënten met ’morbide obesitas’ (ziekelijk en zelfs levensbedreigend overgewicht). „Er zijn echter nog vele duizenden patiënten die ze dragen, dikwijls tot hun grote tevredenheid”, zegt maag-darmchirurg dr. Huib Cense van het Rode Kruis Ziekenhuis in Beverwijk. Dit ziekenhuis was in 1991 het eerste centrum dat maagbandjes aanbracht ter behandeling van extreem overgewicht.

Bypass

Vanwege de genoemde nadelen werden er in de jaren daarna ook weer talloze verwijderd. Goeddeels werden ze vervangen door de gastric bypass, soms door een gastric sleeve, chirurgische technieken die beide tot doel hebben de opname van voedingsstoffen en calorieën te beperken. Bij de gastric bypass-operatie wordt de maag deels kleiner gemaakt en wordt een verbinding gelegd met de dunne darm. De gastric sleeve is een operatie waarbij de maag wordt verkleind: ongeveer twee derde van de maag wordt weggenomen, waarna een smalle, buisvormige maag overblijft.

’Bariatrisch’ chirurg Cense erkent de ’mechanische problemen’ die zich met maagbandjes kunnen voordoen. „Zoals bandjes die gaandeweg verschuiven, waardoor ze niet meer naar behoren doen wat ze zouden moeten doen.”

Darm

Volgens de RIVM-onderzoekers kan het gebeuren dat de dunne darm omstrengeld raakt door de slang van de maagband, soms jaren na plaatsing. Dat kan de doorgang van de darm ernstig belemmeren. Patiënten met klachten hadden niet altijd heel hevige buikklachten. Soms waren ze mild en steeds terugkerend, aldus het RIVM. „Het is van belang dat patiënten met buikpijn aan hun huisarts aangeven dat zij een maagband hebben.”

RIVM waarschuwt voor darmproblemen door maagband (Bron: RTL Nieuws)

Geplaatst op
Virtuele Maagband

Volgens het RIVM kan een maagband namelijk ernstige darmproblemen veroorzaken, zelfs jaren nadat die geplaatst is.

Volgens het gezondheidsinstituut moet uitgebreid onderzoek worden gedaan bij patiënten met klachten, om de precieze oorzaak van de darmklachten te achterhalen. “Het is van belang dat patiënten met buikpijn aan hun huisarts aangeven dat zij een maagband hebben, ook als deze maagband jaren geleden is geplaatst”, zegt een woordvoerder van het RIVM.

Buikpijn

De dunne darm kan omstrengeld raken door de slang van de maagband, zelfs jaren na plaatsing. Dat kan de doorgang van de darm ernstig belemmeren. Volgens het RIVM hadden patiënten die zich met klachten meldden, niet altijd heel hevige buikklachten. Soms waren ze mild en steeds terugkerend.

Door toenemend overgewicht zijn in de afgelopen jaren steeds meer maagverkleiningsoperaties uitgevoerd, waaronder het aanbrengen van een maagband.

 

Te veel mensen hebben onterecht de diagnose pinda-allergie

Geplaatst op
pinda-allergie

Hardnekkig probleem

Deze angst blijkt in veel gevallen ongegrond. ,,Een pinda-allergie is een hardnekkig probleem. Als je het eenmaal hebt, groei je er in 80 procent van de gevallen niet overheen’’, volgens Erna Botjes, voorzitter van de stichting Voedselallergie. Klachten die kunnen voorkomen bij een pinda-allergie zijn problemen met de maag, luchtweg, darmen, huid en in het ergste geval: een anafylactische shock. Dat is een acute, levensbedreigende reactie op een lichaamsvreemde stof, die kan eindigen in shock.

,,Je ziet dat mensen alles mijden wat ook maar enigszins met pinda’s te maken heeft, uit angst voor een allergische reactie”, zegt Botjes. Maar zijn de risico’s in alle gevallen reëel te noemen? Nee.

Overgediagnosticeerd

In Nederland heeft 1,4 procent van de bevolking een pinda-allergie, of bestaat het vermoeden dat ze een pinda-allergie hebben. Dat zijn 240.000 mensen, sommige van deze mensen hebben zichzelf gediagnosticeerd. Anderen hebben een bloedonderzoek laten doen, en een ander deel heeft vastgesteld dat er sprake is van een pinda-allergie op basis van provocatie.

Bij provocatie eet of drink je het verdachte voedingsmiddel in steeds grotere porties. ,,Dat is de enige manier om erachter te komen in welke mate je last hebt van een pinda-allergie, en in hoeverre je sporen van pinda’s van moet mijden’’, zegt Botjes.

,,Slechts 0,2 procent van de Nederlanders, oftewel 34.000 mensen, reageert op provocatie. De helft reageert op een gehele pinda of meer, de andere helft reageert op zelfs minder dan dat. Dus de sporen van pinda’s. De laatste is de groep die het ernstigste risico loopt.’’

De overige patiënten kunnen heel goed last hebben van iets anders. ,,Dat kan echt van alles zijn, zoals bijvoorbeeld een pollenallergie, of een schimmel. Punt is: je weet het pas zeker, als je een goede diagnose hebt gesteld.’’

Mosterd na de maaltijd

Uit een onderzoek van 2018 blijkt dat de ergste risicogroep geholpen kan zijn door het toedienen van een bepaalde pinda-proteïne. ,,Deze resultaten zijn mooi, maar er is absoluut geen sprake van genezing. De proefpersonen bleken verdraagzamer te worden voor voedingsmiddelen met pinda. Bij volwassenen werkte het niet. Het onderzoek had wel diverse beperkingen, volgens Botjes.

,,Het voelt een beetje als mosterd na de maaltijd. Je kunt heel goed beleid toepassen voor mensen met een pinda-allergie. Kinderen met ernstige eczeem kunnen in het ziekenhuis vanaf de zestiende week geholpen worden. Door kinderen bloot te stellen aan pinda’s kan 85 procent van de pinda-allergie voorkomen worden .’’