Kunstalvleesklier uit Goor volgend jaar op de markt, mogelijk ook geschikt bij alvleesklierkanker (Bron: RTVOost)

Geplaatst op
Alvleesklier

Testfase

Als de laatste testfase positief verloopt, komt het volgend jaar op de markt. Naast diabetes is de vinding van Robin Koops uit Goor mogelijk ook een doorbraak bij de behandeling van alvleesklierkanker.

Suikerpatiënt Robin Koops uit Goor heeft vijftien jaar aan z’n vinding gewerkt. Hij wilde zich na de diagnose niet neerleggen bij de beperkingen zoals prikken, meten, rekenen en spuiten die diabetes type 1 met zich meebrengt. De eerste versie van de kunstalvleesklier bestond uit twee grote kasten. Vervolgens werd het een apparaat ter grootte van een schoudertas en nu is het een klein kastje dat de patiënt makkelijk bij zich kan dragen.

Getest

De komende drie tot vier maanden wordt de kunstalvleesklier bij 36 patiënten getest. De test is bedoeld om na te gaan of het apparaatje veilig genoeg is. Als de test slaagt, wordt het apparaatje gecertificeerd.

Als de certificering er is, gaat Koops de productie in Goor opvoeren. “We willen vanaf september 2019 eerst vijftig patiënten per jaar gaan helpen. Over een jaar of drie zouden dat er 1500 per jaar kunnen zijn”, aldus Koops. Mogelijk wordt de productie later nog verder opgevoerd want wereldwijd zijn er miljoenen patiënten met diabetes type 1. “We blijven hoe dan ook in Goor, ik heb veel aan de gemeenschap te danken.”

Doorbraak

Arianne van Bon van het ziekenhuis Rijnsate in Arnhem, eerder werkzaam als onderzoeker aan het Academisch Medisch Centrum in Amsterdam, heeft het apparaatje jarenlang getest. Volgens de algemeen internist is de vinding van Koops een doorbraak voor patiënten met diabetes.

Alvleesklierkanker

Mogelijk hebben ook patiënten met alvleesklierkanker baat bij de vinding van Koops. Volgend jaar gaat gespecialiseerd chirurg Marc Besselink onderzoeken of het apparaatje ook ingezet kan worden bij de behandeling van alvleesklierkanker.

Mogelijk nieuwe remedie tegen diabetes: wegbranden slijmvlieslaag in darmen (Bron: De Volkskrant)

Geplaatst op

Resultaat zal zijn dat er vermoedelijk betere signalen naar alvleesklier waardoor het lichaam weer gevoelig wordt voor het hormoon insuline. Sommige diabetespatiënten zouden daardoor geen insuline hoeven te gaan spuiten.

Artsen en wetenschappers denken voorzichtig na over een bijzondere remedie tegen de ziekte diabetes: een ingreep in de darmen. Met behulp van een endoscoop (een dunne buis die via de mond en maag naar binnen wordt gebracht) branden ze in de twaalfvingerige darm de slijmvlieslaag weg. Daardoor gaan er vermoedelijk betere signalen naar de alvleesklier en wordt het lichaam mogelijk weer gevoelig voor het hormoon insuline, dat glucose uit het bloed de cellen in brengt.

Onder leiding van Annieke van Baar, arts-onderzoeker maag-darm-leverziekten in het Amsterdam UMC, is de afgelopen jaren een Europees onderzoek gedaan onder 67 patiënten (11 uit Nederland), dat binnenkort wordt gepubliceerd. Het Amsterdamse ziekenhuis borduurt daarmee voort op de eerste resultaten van een internationaal onderzoek bij 39 patiënten, dat twee jaar geleden verscheen in vakblad Diabetes Care. Al na een paar weken daalde bij hen de bloedsuikerspiegel, wat erop duidt dat de insuline beter zijn werk doet.

Niet door gewichtsverlies

De focus op de twaalfvingerige darm komt voort uit de bijvangst van een hele andere ingreep: een maagomleiding. Veel mensen met obesitas hebben diabetes type 2 (de meest voorkomende vorm); lichaamsvet zorgt er bij hen voor dat het hormoon insuline minder goed zijn werk kan doen, wat de opname van glucose uit het bloed verslechtert. Als obesitaspatiënten hun maag laten omleiden, zijn ze vaak razendsnel van hun diabetes af. Gevolg van het afvallen, zo was lange tijd het idee. Minder vet betekent immers dat het beter lukt om de glucosehuishouding in balans te houden. Totdat artsen ontdekten dat bij eenderde van de patiënten de diabetes soms al twee dagen na de maagomleiding was verdwenen. Met gewichtsverlies kon dat niets te maken hebben. Maar waarmee dan wel?

De truc werkt alleen bij patiënten die kiezen voor een bypass, waarbij de dunne darm wordt omgeleid. Als de maag alleen wordt verkleind en het darmstelsel intact blijft, levert dat geen snel succes op. Die constatering, samen met onderzoek bij proefdieren, bracht uitsluitsel: het moet de twaalfvingerige darm zijn die een sleutelrol speelt, dat kleine stukje darm van 25 centimeter dat op de maag aansluit en waar de vertering van voedsel begint. Bij een maagomleiding wordt die twaalfvingerige darm in één klap werkloos: de voedselbrij maakt een omweg en komt vanuit de nieuwe minimaag een stuk verderop in de dunne darm terecht.

Artsen zijn er nu in geslaagd om de twaalfvingerige darm op een andere manier tijdelijk werkloos te maken: door daar de slijmvlieslaag weg te halen. Onderzocht wordt of diabetespatiënten door zo’n maagomleiding-light kunnen herstellen van hun ziekte.

Leefstijl

Hoogleraar diabetologie Eelco de Koning (LUMC en Hubrecht Instituut), niet betrokken bij het onderzoek, vindt de gedachte achter de nieuwe aanpak interessant: ‘We weten dat de binnenbekleding van de darm bij diabetespatiënten anders is, dus het lijkt een goed idee om uit te zoeken welke effecten er ontstaan als je die darm aanpakt.’ Toch vindt hij het nog te vroeg voor enthousiasme. Om te achterhalen of de behandeling effectief is, moeten de resultaten worden afgewacht van een vergelijkend onderzoek bij twee groepen waarbij een groep een placebobehandeling krijgt. Pas dan, zegt de hoogleraar, kan worden vastgesteld of de betere gezondheid van patiënten alleen met de ingreep te maken heeft en niet doordat ze tijdens de studie ook hun leefstijl hebben aangepast.  Patiënten met diabetes type 2 kunnen een behandeling met insuline vaak ook  uitstellen door meer te bewegen en minder calorieën te nuttigen, benadrukt hij. Ook de lange termijneffecten en bijwerkingen zijn nog onduidelijk. ‘Moeten patiënten straks bijvoorbeeld ieder half jaar zo’n ingreep ondergaan?’, vraagt hij zich af.

Arts-onderzoekers Annieke van Baar en Paul Smeele, verbonden aan het Amsterdam UMC, proberen nu te achterhalen wat de ingreep precies effectief maakt. Zodra er voedsel in de twaalfvingerige darm komt, sturen de cellen in de darmwand een signaal naar de alvleesklier, die vervolgens insuline gaat produceren. Er zijn aanwijzingen, zegt Smeele, dat de cellen in de darmwand door de westerse leefstijl, met een overmaat aan zoet en vet voedsel, zodanig veranderen dat die signaalfunctie verandert. Bij patiënten die hun maag laten omleiden, wordt dat stukje darm voortaan met rust gelaten zodat de cellen zich kunnen herstellen. Dat proces valt na te bootsen door de bovenste cellaag in de darm te verwijderen. Het weefsel herstelt zich vervolgens en er groeien gezonde cellen terug die hun taak weer goed kunnen vervullen en die de juiste signalen doorgeven.

Samen met Van Baar gaat Smeele nog een stap verder door uit te zoeken of zij met de darmbehandeling én leefstijladviezen diabetespatiënten van de insuline af kunnen helpen. Extra insuline doet het lichaam geen goed, zegt Smeele: het leidt tot de opslag van vet, wat de diabetes weer kan verergeren. Er zijn aanwijzingen dat het hormoon op termijn schadelijk is voor hart en bloedvaten. De eerste patiënten zijn nu een jaar verder, vertelt Smeele, en hun bloedsuikerspiegel is gedaald. ‘Niet spectaculair maar wel zo dat ze dat ze geen insuline hoeven te gaan spuiten.’

Toch euthanasie mogelijk bij dementerenden (Bron: RTLNieuws)

Geplaatst op
Dementie en euthanasie

Daarbij mogen ze ook een slaapmiddel gebruiken, staat in een nieuw onderdeel van de Regionale Toetsingscommissies Euthanasie.

Trouw schrijft over het nieuwe onderdeel, waarin staat dat euthanasie bij een wilsonbekwame patiënt bij een nieuw geval door de beugel kan.

Wilsverklaring

Eerder werd een arts door een tuchtrechter berispt toen hij dit deed. De arts gaf een vrouw op basis van haar wilsverklaring toen euthanasie. De patiënte actualiseerde haar verklaring regelmatig en mondeling bekrachtigde ze dit ook zolang als ze kon. Maar de vrouw met dementie kondigde nooit aan wanneer het tijd was voor haar sterven.

Haar familie en de arts concludeerden uiteindelijk dat de vrouw ondraaglijk leed. Ze kreeg een slaapmiddel en daarna euthanasie.

Geen verzet mogelijk

De discussie werd toen fel: moest de dementerende vrouw niet alsnog bevestigen in woord dat ze dood wilde? Ondanks dat haar familie zag dat ze ondraaglijk leed? En dat slaapmiddel, zorgde dat er niet voor dat de vrouw zich niet meer kon verzetten tegen de euthanasie?

De arts werd er dus voor berispt en het Openbaar Ministerie bekijkt of de arts nog vervolgd kan worden. De Regionale Toetsingscommissie Euthanasie zegt nu dat het toch mag, mits het zeer zorgvuldig wordt aangepakt.

Euthanasie: de misverstanden en hoe het werkelijk zit
Kijk bij RTLNieuws om een video hierover te bekijken.

Reddend kankermiddel niet vergoed, patiënten in paniek (Bron: Telegraaf.nl)

Geplaatst op

Het kostbare middel nivolumab, waarop zij al hun hoop hebben gevestigd, is door zorgverzekeraars doorgestreept als mogelijk te vergoeden zorg. Patiënten en hun naasten zijn in paniek, melanoom-behandelaars verbijsterd.

Het besluit volgt na een negatief advies van een commissie van de Nederlandse Vereniging voor Medische Oncologie (NVMO). Die vindt dat er onvoldoende ervaring is met dit medicament: twee in plaats van vijf jaar. Nivolumab zou bij melanoom worden ingezet na operatieve verwijdering van de tumor. Het medicijn zou terugkeer van de ziekte met circa 20 procent kunnen verkleinen.

Patiënten zijn diep bedroefd. „Ik weet niet of ik er over een paar jaar nog wel ben. De kansen die ik kreeg om het melanoom op mijn linkerschouder te overleven, zijn mij plotseling uit handen geslagen”, zegt de 29-jarige Madelief.

Artsen verbijsterd

Chirurg-oncoloog dr. Walter van Akkooi van het kankercentrum Antoni van Leeuwenhoek (AVL) in Amsterdam noemt nivolumab ’heel effectief’. Hij moest 25 patiënten plots ’nee’ vertellen. „Eigenlijk een vreselijke boodschap, die niet alleen ik aan mijn patiënten heb moeten geven, maar al mijn collega’s in het hele land. Ze zijn hier, net als ik, verbijsterd over.” De afwijzende NVMO-commissie vindt dat artsen in hun spreekkamer ’wellicht tegenover hun patiënten enthousiasme hebben getoond dat zij niet hebben kunnen waarmaken’.

De dodelijke me­ningo­kok­­bac­te­rie is bezig aan een opmars. Dit moet u weten! (Bron: Trouw)

Geplaatst op
Meningokokkenbacterie

Het aantal slachtoffers van meningokokken type W neemt alleen maar sneller toe.

Dit blijkt uit nieuwe cijfers van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM).

Is er reden tot paniek?

Niet volgens Hans van Vliet, programmamanager rijksvaccinatieprogramma van het RIVM. “Het is nog een relatief klein probleem”, zegt hij. “Maar er is wel reden tot zorg. Het aantal gevallen blijft toenemen. Daarnaast veroorzaakt type W ook nog eens ernstigere ziektes dan bijvoorbeeld meningokokken B die we meer in Nederland hebben.”

Het percentage patiënten dat overlijdt aan meningokokken B ligt tussen de 4 en 6. Bij type W ligt dat dit jaar op ruim 23 procent. In totaal zijn er de afgelopen drie jaar 35 personen overleden aan meningokokken W. dat is hoog voor een infectieziekte, vindt Van Vliet.

Hoe krijg je de ziekte en wat zijn de symptomen?

De besmetting verloopt via de lucht, bijvoorbeeld als iemand hoest of niest, of door mond-op-mondcontact. In het begin lijkt een besmetting sterk op een gewone griep of zware verkoudheid. Krijgt een patiënt last van nekstijfheid en hoge koorts en/of raakt hij of zij verward, dan kan dat op een meningokokken wijzen. Bij heel jonge kinderen is ‘luierpijn’ een alarmerend signaal. Kinderen beginnen dan hard te huilen als hun luier wordt verschoond. In het meest ernstige geval krijgt een patiënt paarse of rode puntjes op de huid, het symptoom van inwendige bloedingen die snel een dodelijke afloop kunnen hebben.

Peuters van 14 maanden en tieners tussen de 14 en 18 kunnen een vaccinatie halen. Lopen volwassenen geen risico?

Dat lopen ze wel. Iedereen kan de ziekte krijgen. Maar relatief zitten de meeste patiënten in de groep 15 tot en met 19-jarigen. Tussen januari 2015 en juli 2018 werden 25 jongeren ziek. Kinderen onder de 5 jaar zitten daar met 18 patiënten niet ver onder. Maar een piek is ook te zien bij de 55 tot 59-jarigen waar de afgelopen jaren 20 personen de ziekte kregen. Waarbij aangetekend dat er veel meer 55 tot 59-jarigen zijn dan tieners en kinderen onder de 5, dus relatief lopen ouderen minder risico.

Waarom ligt de nadruk op vaccineren van scholieren?

Dat heeft drie redenen. De eerste: de besmettingen komen nu eenmaal het meeste voor in deze groep. De tweede en belangrijkste reden: zij zijn de bron voor de verspreiding. “Wil de bacterie zich handhaven in een groep, dan moet hij overspringen naar iemand die er nog niet in aanraking mee is geweest”, zegt Van Vliet. “Als een groep dicht op elkaar zit en elkaar zoent, dan kan een bacterie zich veel beter in zo’n groep handhaven en dooft het niet vanzelf uit. Dat is precies het geval bij tieners. Als je jongeren vaccineert, dan raken ouderen die bacterie ook kwijt omdat de haard opdroogt. Dat is eerder ook gebeurd met meningokokken C toen we gingen vaccineren. We hopen nu op hetzelfde effect.”

Dat betekent volgens Van Vliet wel dat de ziekte nog een tijdje nieuwe slachtoffers kan maken voordat de bacterie weg is. “Je verwacht een snelle daling in de groep die wordt gevaccineerd, maar bij andere groepen kan het best een aantal jaar duren voordat het aantal besmettingen afneemt.”

Dan de derde reden: schaarste. Er is maar een beperkte hoeveelheid van het vaccin beschikbaar. Omdat er te weinig is voor de gehele bevolking, moet de overheid kiezen. Volwassenen inenten heeft wel nut, maar alleen om henzelf te beschermen. Omdat zij niet de haard zijn, heeft het geen invloed op de verspreiding van de bacterie.

Stel nu dat je je als volwassene toch wil vaccineren, kan dat dan?

Ja, dat kan wel, maar iedereen die geen oproep heeft gehad voor het vaccinatieprogramma, moet wel zelf betalen. Daarbij is het is volgens Van Vliet een beetje een loterij wie wel en geen prik krijgt. “We krijgen er veel vragen over”, zegt Van Vliet. “Je kunt naar de huisarts gaan of naar de GGD, maar het is niet zeker of er vaccin voorradig is. Als iedereen nu naar zijn huisarts gaat, is het vaccin er in een dag doorheen.”

Let wel: dan gaat het alleen over het vaccin dat op de vrije markt verkrijgbaar is. Apothekers en GGD’en kopen het in via de groothandel. De overheid koopt in via het rijksvaccinatieprogramma. Dat gaat in veel grotere hoeveelheden zodat er voldoende is voor de groep die een oproep krijgt.